Provincie Overijssel
Provincie Overijssel
Voor het gebied dat wij nu kennen als de provincie Overijssel, kunnen verschillende beginjaren worden genoemd. Het jaar 1528 is wel het meest geschikt. Toen kocht keizer Karel V dit gebied van de laatste prins-bisschop van Utrecht. Karel voegde zijn nieuw verworven gebied bij de overige door hem en zijn Bourgondische en Habsburgse voorouders verworven Nederlanden. Vanaf dat moment overheerst de naam Overijssel, daarvoor werd meestal gesproken van het Oversticht.
Vanaf 1528 werd Overijssel als een zelfstandige eenheid bestuurd vanuit Brussel, het regeringscentrum van de Nederlanden. Er was een stadhouder, die namens de landsheer Overijssel bestuurde, maar omdat deze naast heer van de Nederlanden ook keizer van Duitsland en koning van Spanje was, functioneerde de stadhouder meestal ondergeschikt aan een regentes in Brussel.
De staten van Overijssel kwamen slechts bijeen als de stadhouder hen dagvaardde. Pas in het jaar 1578 besloten de ridderschappen van Salland, Twenthe en Vollenhove en de steden Deventer, Kampen en Zwolle voor het eerst op eigen initiatief als staten van Overijssel bijeen te komen. De staten van Overijssel en de nieuwe stadhouder schaften “alle nyeuwicheiden” af, die sinds 1528 waren ingevoerd.
Provincie Overijssel